Kroniekhss_UB_UtrechtVerzameling kroniekhandschriften UB Utrecht
2UB Utrecht, hss 6 a 13 (Henrica van Erp)
Bestandnaam:
_Projecten2014\SleutelsUtrechtseGeschiedenisUB\A100820\NL-UtHUA_A100820_000320.jpg
Nadere toegang:
Linken
Download
Hieronder kunt u het bestand downloaden: Download
Transcriptie

onder ander doe Natawis gecleet wort van dat wijngelt
negen Rijns guldens, ende doe Vronesteyn gekleet wert 8 Rijns guldens.

Juffrou Margriet van der Maern, priorinne, liet het sieckhuys
timmeren in den jaare 1478.

Anno 1484 liet ons priorinne juffrou Maria Gruyters timme-
ren ’t bouhuys. Ende plag ons bouhuys daervoren te staan in den
haghe, daer die stene camer noch staat.

Juffrou Maria Gruyters, priorinne, liet het Heylig Graft setten
anno 1494 en die wijbiscop Jan van Riet wijden ’t.

[In de marge: Doorbraak der Leckdijk]
Anno 1496, des daegs voor Sint-Petersavond ad Cathedram, brack den
Leckendijk door tegens Beusecum over, geheten Opten Noort, ende
ook in Wael. Ende men moest met een schuytge over den Steenweg
varen by Vredendal tot de Giltpoorte toe, want die Lecke liep daer
door den Steenwegh, dat die veerdelen daer al blank lagen ende
een stijve stroom liep.

[In de marge: Biscop David sterft]
’t Selfde jaer des anderen saterdag na Paschen, des avons doe
sterf biscop David van Borgondien, ende werd Heer Frederik van
Baden wederomme biscop gekoren op Sint-Servaasdagh ende wort
in de stadt van Utrecht gebraght op Sunte-Lebuynsdagh 1496.

Anno MDIII doe stirf vrouw Geertruyt van Groenesteyn op
Sint- Gillisdagh, vrouwe van desen clooster.

Anno 1505 wert Sinte-Annealtaer gestelt in onse kerk. Costen
LIX Rijnse gulden v stuyver, bekostigt bij juffrou Hylwich van Vronestyn,
de priorinne en juffrou Margriet van Amerongen te samen.

In ’t selfde jaer op Divisio Apostolorum, soo was ik, Henrica
van Erp vrouw op de Deynsel, mit die kelweerster Lunenburg
Van der Haar ende juffrou Van Voerde. Ende wij hadden onse pan-
der mede, Jan van Wulven, Loeff, schout van Syst, Jacob
van Zulen van Blickenborg, Dirk Gysbertssoen ende Thomeszoon
Henrikxsoen, buur en gereghtsluden van Zyest. Ende sy eerde
die voore op rondom ons land, ende pander en de schout mit
die buuren sloegen haar hand aen die peert, ende doe hielden
sy die ploeg een stuck weegs ende gingen mede om so langh
hen ’t al dat land rondom die voerige geeerd was. Ende doe dat ge-
daen was, doe gingen wij eeten ende wij schonken die schout

Vertaling

onder andere toen [Stephanie van Zuylen van] Natewisch intrad uit het wijngeld negen Rijnse guldens en toen [Magdalena de Waal van] Vronestein intrad acht Rijnse guldens.

Vrouwe Margriet van Maarn, [onder]priorin, liet het hospitaal bouwen in 1478.

In het jaar 1484 liet onze [onder]priorin jonkvrouwe Maria Gruyters de schuur timmeren. Voordien stond onze schuur binnen de omheining van de moestuin, waar nu nog het stenen [klooster]huis staat.

Vrouwe Maria Gruyters, priorin, liet het Heilig Graf plaatsen in 1494 en het werd ingewijd door wijbisschop Jan van Riet.

[In de marge: Doorbraak van de Lekdijk]
In het jaar 1496, twee dagen voor Sint-Petrus ad Cathedram [20 februari], brak de Lekdijk tegenover Beusichem door, bij een plaats die ‘Opten Noord’ heet en bij [Tull en] ’t Waal. Men moest toen met een schuit over de Steenweg varen vanaf [het klooster] Vredendaal tot aan de Gildpoort toe. Want [het water van] de Lek liep daar over de Steenweg en de planken van het veer lagen onder water terwijl er een harde stroom liep.

[In de marge: Bisschop David sterft]
In hetzelfde jaar, op de tweede zaterdag na Pasen [25 april] stierf bisschop David van Bourgondië. Heer Frederik van Baden werd toen tot bisschop gekozen op Sint-Servaasdag [13 mei]. Hij kreeg zijn intocht in de stad Utrecht op Sint-Lebuinusdag [25 juni] 1496.

In het jaar 1503 toen stierf joffer Geertruida van Groenestein, priorin van dit klooster, op Sint-Gillisdag [Egidiusdag, 1 september].

In het jaar 1505 werd het altaar voor Sint-Anna in onze kerk opgesteld. De kosten bedroegen 59 Rijnse guldens en 5 stuivers. Het werd gezamenlijk betaald door de priorin vrouwe Heilwig van Vronestein en vrouwe Margriet van Amerongen.

In hetzelfde jaar, op Divisio Apostolorum [15 juli], was ik, Henrica van Erp, jonkvrouwe op de Dijnsel, in gezelschap van keldermeesteres, juffer Lunenburg, juffer Van der Haar en juffer Van Voorde. Bij ons was ook onze pander [gerechtsdeurwaarder] Jan van Wulven, de schout van Zeist Loeff, Jacob van Zuylen van Blikkenburg, Dirk Gijsbertszoon en Thonis Hendrikszoon, buur- en gerechtslieden van Zeist. Zij ploegden een voor rondom ons land vrij; de pander en de schout en de buurlieden voerden het paard met de hand mee en gingen al ploegend voort totdat al het land rondom de voor geploegd was. Toen dat achter de rug was, gingen wij eten. We schonken de schout

Gebruik alt + scroll om te scrollen